Navigatie

"wat wil ik later worden? Moeder.."

Het is een gewone maandag en ik check even mijn Facebookpagina waarop ik zie dat er meldingen voor mij zijn. Dit zijn overigens schaarse momenten hoor sinds ik mama ben van 2. Zeker overdag. Iemand heeft mij genoemd in een bericht van Mi Li&Sa. Ik ken de pagina nog niet maar ik kijk naar het bericht. Het gaat over of ik interesse zou hebben om een blog te schrijven voor op de pagina van Mi Li&Sa. Aangezien ik het heel leuk vind om te schrijven en ik zelf een persoonlijke blog bijhoud over onze oudste zoon, was ik meteen geïnteresseerd.

 

Dus hier ben ik dan. Of ik antwoord kan geven op de vraag: “Hoe heeft het ouderschap jou veranderd?”

Het antwoord op deze vraag is voor mij toch wel anders dan dat ik vroeger ooit had kunnen bedenken.

Al zolang als ik me kan herinneren wilde ik moeder worden. Elk vriendenboekje waarin de vraag stond: “Wat wil je later worden?”, beantwoordde ik met: “Moeder”. Als kind vond ik ook echt dat als ik moeder zou worden dat dat mijn hoofddoel in het leven zou zijn. Jeetje wat klinkt dat zwaar, maar zo voelde en bedoelde ik dat natuurlijk niet. Maar er zijn misschien ook kinderen die uitgroeien tot volwassenen die carrière willen maken of hun leven lang willen reizen of noem het maar. Voor mij leek het ultieme doel in mijn leven dus een gezin stichten. En ze leefden nog lang en gelukkig. Zoals in alle Disney films die ik natuurlijk keek op mijn leeftijd toen.

Afijn. Ik leerde mijn vriend, nu mijn man, kennen toen ik 18 was en sindsdien zijn we samen. We hebben 7 jaar een latrelatie gehad omdat hij in het midden van het land woonde en ik boven in Noord-Holland. Hij studeerde nog en ik had een vaste baan in de kinderopvang. Na die 7 jaar werd het tijd om te gaan samenwonen en we kozen ervoor om in de woonplaats te gaan wonen waar hij is opgegroeid en ook nog steeds woonde.

We maakten nog een verre reis door Amerika heen en niet veel later kozen we voor een hondje. Huisje, boompje, beestje..

 

Het leven lachte ons toe. Wat kon er nog mis gaan? We waren jong, gezond, hadden een huis, een leuk hondje.. We wilden alleen nog een gezin stichtten. Toen het puntje bij paaltje kwam vond ik dit toch wel erg spannend. Jeetje, moeder worden is toch wel “The Big Thing”. Het was tenslotte mijn hoofddoel in het leven. Ik schrok toch wel van de gedachtes die ik ineens kreeg. Zo iets van: “Moeder ben je voor altijd. Altijd zorgen. Of ze nou groot of klein zijn, die kinderen dan, je hebt altijd zorgen.” “Kan ik dat wel?”

Ineens moet ik denken aan een zin uit het liedje van Alanis Morissette: “Isn’t it ironic”. Maar dat zal ik zo aan het einde wel toelichten.

Na een tijdje wilden we er samen toch voor gaan. We wilden het toch gaan proberen. Wat was dit een spannende tijd.

In de 5e maand was het raak en genoot ik van alles wat een zwangerschap met zich meebrengt. Natuurlijk baalde ik van de kwaaltjes en kon ik op een gegeven moment mijn werk niet meer uitvoeren zoals hoorde. Maar ik nam alles zoals het kwam, ik nam alles voor lief, ik was POTVERDORRIE ZWANGER!!! Een leven groeide in mij en daar had ik alles voor over om dat heel en gezond op de wereld te zetten. Een soort oerdrift kwam er in mij naar boven. Ik beschermde en moederde nu al over ons ongeboren kindje.

 

September 2014, onze zoon werd 1 week na de uitgerekende datum geboren. Hij kwam ter wereld door middel van een keizersnede nadat ik langdurig gebroken vliezen had maar geen weeën kreeg. Zelfs niet toen ik al meer dan 15 uur aan het infuus met wee-opwekkers lag.

Wat waren we trots en blij en de hele wereld mocht weten dat hij er was en hoe mooi hij eruit zag. Mijn herstel viel me zwaar en wat daar niet bij hielp is dat onze zoon meteen al veel huilde. Op dag 2 in het ziekenhuis begon het huilen al. Mijn man liep de hele kamer met hem rond om hem te sussen. We probeerden nog een keer aan de borst aan te leggen, nog een beetje bijvoeden, luier wisselen. Och wat probeerden we niet.

Eenmaal thuis was het helemaal ellende. Met mijn ervaring in de kinderopvang kende ik natuurlijk wel wat kneepjes “van het vak”. Maar niks leek hem te helpen. Soms huilde hij wel 4 uur lang achter elkaar. Hij had zoveel onrust in zijn lijfje. Hij was zo gespannen.

Mijn herstel van de keizersnede viel me zwaar, en zeker dan nog met die zorg erbij voor een baby die nergens tevreden van leek te worden. Ik bleef maar met hem rondlopen want dan leek hij het minste te huilen. Maar eigenlijk mocht ik natuurlijk helemaal niet zo zwaar tillen en veel lopen. Maar babygehuil… Dat doet wat met een mens. Eveneens gebroken nachten. En niet zomaar gebroken nachten met een voeding/flesje geven en weer slapen. Nee van die nachten waar je van denkt dat je als enige in de hele wereld wakker bent en je baby uren aan elkaar maar blijft huilen. Waarin je de slijtageplekken in de vloerbedekking ziet komen van al die kilometers lopen. Van die nachten waardoor je overdag als een soort van vaatdoek door het huis banjert en je niet meer helder kunt nadenken. 1 Nacht op die manier is prima. Alleen maar van dat soort nachten niet.

 

Toen ik eenmaal iets beter op de been was liep ik een rondje met de hond buiten en toen ik vlakbij ons huis was keek ik omhoog naar zijn slaapkamertje. Ik schrok van mijn gedachten. Ik voelde me schuldig. Hoe kon ik nou zo’n slechte moeder zijn. Ik had immers gedacht dat ik niet naar hem terug wilde. Ik wilde weg van hem, van die situatie. Ik wilde niet weer naar binnen, naar mijn toch vast weer huilende zoon toe.

Ik kon het ook niet snappen als kraamvisite tegen mij zei: “Geniet er lekker van”. Waarvan dan? Van al dat gejank? Van al die pijn die ik voel in mijn buik met lopen, traplopen, omdraaien in bed, opstaan van de bank en dan weer dat eindeloze tillen van mijn zoon die weer niet stil wil worden.

Ik zocht hulp. Overal zocht ik hulp. Kon er maar iemand m’n zoon en mij helpen. Zodat hij een tevreden wolk van een baby zou zijn waar mensen het allemaal over hebben en zodat wij konden genieten van het ouderschap. Menig keer ben ik bij de huisarts geweest. Het consultatiebureau. Kinderfysiotherapeut. Een osteopaat. Och niemand wist wat er aan de hand was. “Baby’s huilen nou eenmaal hoorde ik geregeld. Zeker tot 6 weken, waar de piek ligt.”

Ik beet me daar aan vast. Met 6 á 7 weken moet het vast beter gaan worden.

Ik werd heel onzeker. Dacht dat het aan mij lag. Dat ik niet kon zorgen voor mijn baby.

Op een gegeven moment ging hij ook steeds minder drinken. Van de fles hield hij soms de helft over, of hij dronk helemaal niks. Krijsen!

We verdachten op een gegeven moment dat hij verborgen reflux had. Dus hop.. Naar de kinderarts. Ja hoor, meneer had verborgen reflux en zijn hele slokdarm was aangetast door het maagzuur. Arm kind. Nu komt alles goed met de medicijnen, dachten we.

 

Er veranderde echter niet zoveel. Het huilen en de onrust bleef. Zijn lijfje bleef gespannen. We overleefden de eerste 3 maanden en toen kwam daar vrijdag 2 januari 2015. Ons mannetje precies 100 dagen oud. We zouden  voor het eerst gaan zwemmen. Maar ik bedacht me dat we dat toch beter een andere keer konden gaan doen. Zwemmen is zo intens indrukwekkend voor zo’n klein kindje. Dan kan hij zich maar beter heel goed voelen als we dat wilden gaan doen. In plaats van zwemmen wilde ik langs het consultatiebureau om hem tussendoor te laten wegen en meten. Dit was ons aangeraden omdat hij zo slecht dronk en zoveel huilde.

De jeugdverpleegkundige keek naar hem en vroeg mij of ik ook vond dat hij zo wit zag. Ik zei dat ik dat niet zag en dat hij er altijd zo uit ziet. We overlegden even over de hele situatie, maar omdat het een inloopspreekuur was, en dus druk met andere ouders, adviseerde ze me om maandag maar naar de huisarts te gaan.

Ik ging naar huis en op het moment dat ik onze zoon in de wipper legde ging de telefoon. Het was de jeugdverpleegkundige. Of ik toch naar de huisarts wilde gaan die middag nog. Het zat haar niet lekker en ze maakte zich zorgen. Ik belde direct en mocht later die middag langskomen.

Om 15:30 waren we bij de huisarts en die zag hetzelfde. Hij zag wit en grauw. We werden meteen doorverwezen naar de kinderarts. Om 16:00 uur waren we daar en hij werd weer onderzocht. Hij moest blijven en werd opgenomen. Alles ging in sneltreinvaart ineens. Er werd bloed afgenomen en nog een keer overnieuw. Ze dachten dat het apparaat stuk was, want die meting kon toch niet kloppen? Het bleek echter wel te kloppen. Onze zoon van 3 maanden oud bleek een hb gehalte te hebben van 1,6. Waar dit voor jongens baby’s normaal is tussen de 6 en 8.

De arts kwam vertellen wat haar verdenkingen waren: een infectie of leukemie.

De tijd stond stil. Ik hoorde het bonken van mijn hart en de tranen kwamen als vanzelf. Die infectie sloot ik meteen al uit want hij had geen koorts. Ik hoorde alleen maar leukemie.

Ik vroeg meteen: “Hoe kan een baby leukemie krijgen? Hoe kan dat nou, hij is pas net geboren? “

Er zou een ambulance komen en daarin zou hij worden vervoerd van het ene ziekenhuis naar het andere. Ik mocht meerijden in de ambulance en ondertussen warmde de arts, die ook mee ging, het zakje met donorbloed op, op haar huid.

In het WKZ aangekomen belandde hij meteen op de intensive care en bleken de eerste 48 uur kritiek. Meerdere bloedtransfusies, veel medicijnen waaronder prednison moesten er voor zorgen dat zijn leukocyten daalden en dat hij stabiel zou worden. Ik was alleen maar bezig met dat hij een flesvoeding moest want het was 23:00 uur en de vorige voeding had hij ook maar 40cc gedronken. Ongelooflijk hoe ik daar aan kon denken. Of dat ie ingebakerd moest slapen want anders sliep hij helemaal niet. Dit kon natuurlijk helemaal niet met al die slangetjes en infusen die overal uitstaken.

Op 3 januari om 01:30 kregen we de definitieve uitslag: Onze baby had leukemie. Ik kon alleen maar janken, totale paniek voelde ik in mijn lijf. Ik vroeg als eerste of hij bleef leven. De arts beantwoordde de vraag met een heel onbevredigend: “Dit weten we niet”. Die onzekerheid, die angst of je kind wel blijft leven of niet is het ergste wat ik ooit heb gevoeld.

Hij heeft dat weekend geknokt, zijn lichaam heeft heel goed gereageerd op de medicijnen en het donorbloed. Hij knapte stapje voor stapje op en was stabiel.

 

Wat volgde was een traject van ongeveer een half jaar aan protocollen volgen met chemobehandelingen, operaties, beenmergpuncties, ziekenhuisopnames, bijwerkingen van chemo’s en medicijnen, slecht nieuws te horen krijgen, mensen leren kennen die in hetzelfde schuitje zitten,  en als klap op de vuurpijl: Een stamcel transplantatie. 5 Weken lag hij geïsoleerd. Wij moesten mondkapjes en schorten dragen. Hoe onnatuurlijk. Je baby niet kunnen kussen.

Elke dag leven tussen hoop en vrees, in een ziekenhuis eten, slapen.. Leven. We deden het allemaal.

In juni 2015 kwam onze knul thuis. Schoon! Geen enkele leukemiecel meer te vinden. Alle boze celletjes, zoals ik ze noemde en het uitlegde aan hem, waren weg. Wat een feest!

 

Ondanks dat we thuis waren en we niet dankbaarder konden zijn kwam de klap later hard aan. Wat was ik ontzettend moe. Ik kon me niet focussen op een boek bijvoorbeeld of op een film. Ik was vaak verdrietig of gewoon maar vlak, zoals ik dat noemde. Ik kon eigenlijk nergens meer écht van genieten.  Ik kon het liedje: “In de maneschijn” niet zingen zonder te huilen. Dit liedje zong ik iedere dag voor hem toen ik zwanger was. En ook elke dag toen hij was geboren. Ook zong ik het een keer tijdens een ruggenprik bij hem. Hij kreeg een roesje maar hij was zo sterk dat hij zich uit de greep van de artsen wist te wurmen en het presteerde om wakker te blijven. De pedagogisch medewerker vroeg mij of ik wilde zingen voor hem. Ik zong het liedje en hij keek me aan, sloot zijn oogjes en keek me daarna dromerig aan en zijn lijfje ontspande steeds meer. Hij werd er zo rustig van dat de artsen gewoon de ruggenprik konden zetten bij hem. Dit was zo’n mooi maar tegelijkertijd ook vreselijke gebeurtenis.

Iedere keer als ik dit liedje zong brak ik en zag ik dit beeld voor me.

Ik zocht hulp bij een psycholoog en volgde EMDR bij haar. Wat voor shit daar wel allemaal niet uit kwam, ongelooflijk.

Tijdens zijn ziekteperiode stond ik op overlevingsmodus en deed ik alles voor hem. Toen eenmaal de rust kwam, kwam alle ellende eruit.

 

Ik was werkloos op het moment toen onze zoon werd geboren. Dus toen onze zoon ziek werd kreeg ik een ziekmelding bij het UWV in plaats van werkzoekend. Gelukkig kreeg ik alle ruimte van hun om te herstellen en heb ik in mei 2016 weer werk gevonden. In de kinderopvang. We verhuisden in januari 2017 naar onze eerste koopwoning en durfden we het aan om te gaan voor een 2e kindje. Dit hebben we natuurlijk eerst laten uitzoeken in het ziekenhuis in de tijd dat onze zoon ziek was. Als er ook maar een aanwijzing zou zijn geweest dat iets erfelijk zou zijn geweest of dat er iets was wat tijdens de zwangerschap ervoor zou hebben gezorgd dat hij ziek zou zijn geworden, dan hadden we nooit meer voor een kindje gegaan.

 

Al gauw raakte ik zwanger en het bleek ook dit keer weer een jongen te worden.

Ons geluk kon niet op. Ondanks mijn gecompliceerde zwangerschap met flinke bekkeninstabiliteit en lage bloeddruk genoot ik van het wonder dat zwangerschap heet.

In februari 2018 werd onze 2e zoon geboren. Dit keer middels een natuurlijke bevalling maar met vacuümverlossing. Ik heb het nu al heel vaak gezegd tegen familie en vrienden. Ik zou die weeën nog 10x doen, maar die uitdrijving… Daar ging alles mis. Ik heb anderhalf uur liggen persen en er gebeurde niet zoveel. Toen kwam daar de vacuümpomp en werd hij met 3 weeën geboren. Ik totaal kapot. Letterlijk.

 

Wat er dit afgelopen jaar op mij af is gekomen is weer niet te bevatten. Ik zal de beknopte versie geven. Overgehouden aan de bevalling: een verzakking van blaas en darmen, een gescheurde bekkenbodemspier die niet meer te herstellen is, overige bekkenbodemspieren zijn verslapt en nog veel meer ongemakken die ik maar niet ga opnoemen.

Dit afgelopen jaar stond in het teken van herstellen. Ik ging van fysiotherapeut naar gynaecoloog. Van huisarts naar psycholoog.

Ik kon niet aan het werk na mijn zwangerschapsverlof vanwege de pijn die ik had van alle schade die ik had opgelopen. Ik ben pas sinds 1 januari dit jaar volledig hersteld gemeld.

Onze 2e zoon is net 1 jaar geworden en die dag deed toch veel met me.

Ik heb wederom niet kunnen genieten van de babyperiode. Natuurlijk niet te vergelijken met onze eerste zoon en zijn ziekte. Maar ook onze 2e zoon heeft veel gehuild. Ook dit is mij niet in de koude kleren gaan zitten. Dat huilen van onze eerste heeft een soort trauma aangericht. Zodra onze jongste lang huilde dan kreeg ik het een soort van benauwd. Niet dat ik dacht dat hij ook ziek zou zijn. Maar meer van dat ik bang was dat het huilen nooit meer zou ophouden. Dat we weer hele nachten met hem in de weer zouden zijn.

 

Het ouderschap zoals ik ooit had gedacht dat het zou zijn, is het voor mij niet gebleken. Ik vind het ook echt zwaar. Zeker met een 2e erbij. De jongste slaapt pas sinds een paar weken door en we hebben onze handen vol aan hem. Ik zeg altijd: “Het is een pittig ding, met een flinke kop erop”.

Toch heb ik geen spijt van het ouderschap. Wat prijs ik mij gelukkig met zulke mooie, lieve, heerlijke mannetjes. We zijn als gezin compleet.

En alles wat we hebben meegemaakt met onze eerste en nu toch ook eigenlijk met de 2e heeft ons gevormd tot wie we nu zijn. Tot waar we nu in het leven staan. We zijn op een rare manier rijk geworden ofzo. Ik bedoel natuurlijk niet met geld. Maar met ervaring. Natuurlijk hadden we dit nooit willen meemaken. En hebben wij genoeg meegemaakt voor een heel mensenleven. Maar zonder deze ervaring waren wij niet gekomen waar we nu staan. Ik voel me op de een of andere manier wijzer dan eerst. Wat dacht ik nou, als jong meisje van midden 20. Wat stelde ik nou eigenlijk voor?

Terugkomende op het liedje van Alanis. Isn’t it ironic? Zo is het toch ook eigenlijk? Ik wilde niets liever dan moeder worden. Ik had dat verheerlijkt in mijn hoofd. Ik was uiteindelijk bang voor de zorgen die je zou hebben als je moeder zou worden… En kijk wat ik op mijn bordje kreeg.. Isn’t it ironic.

Dit moederschap, ouderschap is echt het zwaarste wat ik ooit heb gedaan. Maar tevens het mooiste! Wat zijn wij rijk!

 

 

Wil je meer lezen van deze mama? Bezoek haar pagina
https://in-de-maneschijn.weebly.com/

Volg deze mama ook op Instagram

https://www.instagram.com/nancy86/

Winkelwagen

Geen artikelen in winkelwagen.
© 2018 - 2019 Mi Li&Sa | sitemap | rss | webwinkel beginnen - powered by Mijnwebwinkel